Skip to main content
Afdrukken

Welke soorten stucwerk zijn er?

Er bestaan verschillende soorten stucwerk voor het afwerken, egaliseren en decoreren van muren en plafonds. Welke soort stucwerk het meest geschikt is, hangt onder andere af van de ondergrond, de gewenste uitstraling, de benodigde laagdikte en de ruimte waarin het stucwerk wordt aangebracht.

Veelgebruikte vormen zijn glad pleisterwerk, raapwerk, dunpleister, schuurwerk en sierpleister. Daarnaast bestaan er speciale pleisters en systemen voor bijvoorbeeld vochtige ruimtes en buitengevels.

Hieronder leggen we de belangrijkste soorten stucwerk uit.

1. Glad pleisterwerk

Glad pleisterwerk is een van de bekendste vormen van stucwerk. Hierbij wordt een muur of plafond met pleister zo vlak en glad mogelijk afgewerkt.

Het resultaat is een strakke ondergrond die vervolgens verder kan worden afgewerkt. Denk bijvoorbeeld aan schilderen of sauzen.

Glad pleisterwerk wordt veel toegepast bij:

  • woonkamers;
  • slaapkamers;
  • gangen;
  • nieuwbouwwoningen;
  • renovaties;
  • muren en plafonds met beschadigingen of oneffenheden.

De benodigde laagdikte hangt af van de bestaande ondergrond. Een relatief vlakke wand vraagt een andere aanpak dan een oude, sterk ongelijke muur.

2. Raapwerk

Raapwerk wordt toegepast wanneer een wand of plafond eerst aanzienlijk moet worden uitgevlakt.

Bij een oude woning kunnen muren bijvoorbeeld scheef, golvend of plaatselijk sterk beschadigd zijn. Met een dikkere pleisterlaag kan de stukadoor het oppervlak vlakker en, waar nodig, rechter maken.

Raapwerk vormt vaak de basis voor een verdere afwerking.

Het wordt bijvoorbeeld gebruikt bij:

  • sterk ongelijke muren;
  • renovatiewoningen;
  • beschadigd metselwerk;
  • muren die recht of vlak moeten worden gemaakt;
  • ondergronden waarop een dikkere correctielaag nodig is.

Raapwerk en dunpleister zijn dus niet hetzelfde. Bij raapwerk is aanzienlijk meer materiaal nodig om verschillen in de ondergrond te corrigeren.

3. Dunpleister

Dunpleister is bedoeld voor relatief vlakke ondergronden waarop slechts een dunne afwerklaag nodig is.

Dit zien we bijvoorbeeld bij bepaalde nieuwbouwwanden, beton, plaatmateriaal of bestaand stucwerk dat nog voldoende vlak en draagkrachtig is.

Er bestaan verschillende dunpleisters. Sommige producten kunnen slechts enkele millimeters dik worden aangebracht.

Dunpleister kan interessant zijn wanneer een volledige dikke pleisterlaag niet nodig is, maar de wand wel strak en glad moet worden afgewerkt.

De ondergrond blijft daarbij belangrijk. Niet ieder oppervlak kan zonder voorbereiding met dunpleister worden afgewerkt.

4. Schuurwerk

Bij schuurwerk wordt de pleister bewust voorzien van een fijne structuur.

In tegenstelling tot volledig glad pleisterwerk is de structuur hier onderdeel van de uiteindelijke uitstraling. Afhankelijk van de toegepaste techniek kan een karakteristiek wolkachtig of geschuurd effect ontstaan.

Schuurwerk kan worden toegepast op muren en plafonds en wordt vooral gekozen vanwege het decoratieve uiterlijk.

Het vraagt een andere afwerkingstechniek dan traditioneel glad pleisterwerk.

5. Sierpleister

Sierpleister is een verzamelnaam voor decoratieve pleisterafwerkingen waarbij structuur zichtbaar blijft.

In plaats van de wand volledig glad te maken, wordt juist een bepaalde korrel of structuur gebruikt om het oppervlak zijn uitstraling te geven.

Bekende gestructureerde wandafwerkingen zijn bijvoorbeeld spachtelputz en vergelijkbare sierpleisters.

Sierpleister kan interessant zijn voor mensen die een onderhoudsvriendelijke wand met een zichtbare structuur willen in plaats van een volledig gladde wand.

6. Stucwerk voor vochtige ruimtes

Voor badkamers en andere vochtige ruimtes moet extra goed worden gekeken naar het toegepaste systeem en de plaats waar het materiaal wordt gebruikt.

Niet iedere standaard gipspleister is bedoeld voor dezelfde vochtbelasting.

Er bestaan speciale pleisters voor vochtige ruimtes. Zo zijn er waterafstotende gipspleisters die specifiek bedoeld zijn voor onder andere badkamers, keukens en toiletten.

Belangrijk is daarbij onderscheid te maken tussen een vochtige ruimte en een oppervlak dat voortdurend of rechtstreeks met water wordt belast. Het volledige wand- en afwerkingssysteem moet geschikt zijn voor de toepassing.

7. Stucwerk op gips- en stucplaten

Ook plaatmateriaal kan worden gestuct.

Daarbij is het belangrijk om onderscheid te maken tussen verschillende soorten platen. Een speciaal daarvoor ontworpen stucplaat kan bijvoorbeeld als pleisterdrager worden gebruikt.

De verwerking van naden, aansluitingen en de vereiste laagdikte zijn belangrijk voor een goed eindresultaat.

Daarom is niet alleen de gekozen pleister bepalend, maar ook het gebruikte plaatsysteem en de voorbereiding van de ondergrond.

8. Buitenstucwerk en gevelstucwerk

Stucwerk is niet uitsluitend bedoeld voor binnenmuren en plafonds. Ook gevels kunnen met daarvoor geschikte pleistersystemen worden afgewerkt.

Buitenstucwerk wordt blootgesteld aan heel andere omstandigheden dan stucwerk in een woonkamer. Denk aan regen, temperatuurverschillen, vorst en zonlicht.

Daarom worden voor buitengevels daarvoor bedoelde materialen en complete systemen gebruikt.

Een standaard binnenpleister is dus niet automatisch geschikt voor buitengebruik.

Welke soort stucwerk heb ik nodig?

Dat hangt voornamelijk af van de bestaande ondergrond en het gewenste eindresultaat.

Een aantal eenvoudige voorbeelden:

Een relatief vlakke muur die strak moet worden:
Glad pleisterwerk of, afhankelijk van de ondergrond, dunpleister kan geschikt zijn.

Een oude en sterk ongelijke muur:
Raapwerk kan nodig zijn om de ondergrond eerst voldoende vlak te maken.

Een wand waarop bewust structuur gewenst is:
Sierpleister of schuurwerk kan een mogelijkheid zijn.

Een badkamer of andere vochtige ruimte:
Er moet een daarvoor geschikt pleister- en afwerkingssysteem worden gekozen.

Een buitengevel:
Hiervoor is een specifiek gevelsysteem nodig dat geschikt is voor buitenomstandigheden.

Een stukadoor beoordeelt daarom niet alleen hoe de wand eruit moet komen te zien, maar ook waarop het materiaal wordt aangebracht.

De ondergrond bepaalt mede de keuze

De keuze voor het soort stucwerk kan niet los worden gezien van de ondergrond.

Beton gedraagt zich bijvoorbeeld anders dan cellenbeton, kalkzandsteen of bestaand pleisterwerk. Ook de zuigende werking van de ondergrond speelt een rol.

Sterk of onregelmatig zuigende ondergronden kunnen een zuigkrachtregulerende voorbehandeling nodig hebben. Voor gladde, zwak of niet-zuigende oppervlakken bestaan juist hechtende voorstrijkmiddelen.

Een goede voorbereiding helpt de pleister correct te verwerken en goed aan de ondergrond te laten hechten.

Wat is het verschil tussen dikpleister en dunpleister?

Het belangrijkste verschil zit in de laagdikte en de hoeveelheid correctie die mogelijk is.

Dunpleister wordt in een relatief dunne laag aangebracht en is vooral geschikt wanneer de ondergrond al behoorlijk vlak is.

Dikker pleisterwerk kan grotere verschillen en oneffenheden corrigeren.

De exacte laagdikte verschilt per product en toepassing. Gyproc maakt bij de keuze van stucproducten bijvoorbeeld expliciet onderscheid op basis van zowel ondergrond als laagdikte.

Daarom is het niet verstandig om alleen op basis van de gewenste uitstraling een product te kiezen.

Welk stucwerk is geschikt om te schilderen?

Glad afgewerkt pleisterwerk wordt veel gebruikt als basis voor schilder- of sauswerk.

Voordat nieuw stucwerk wordt geschilderd, moet het voldoende zijn gedroogd en moet de ondergrond geschikt worden voorbereid voor het gekozen verfsysteem.

Hoe lang stucwerk moet drogen is onder andere afhankelijk van de aangebrachte laagdikte, omstandigheden in de ruimte en het gebruikte product.

Lees ook: Hoe lang moet stucwerk drogen?

Welk stucwerk is het mooiste?

Dat is vooral een kwestie van smaak en toepassing.

Voor een moderne, rustige woning wordt vaak gekozen voor strakke gladde wanden en plafonds. Wie juist meer karakter of structuur wil, kan kiezen voor een decoratieve pleisterafwerking.

Belangrijker dan de vraag welke afwerking het mooiste is, is of de gekozen afwerking technisch geschikt is voor de ondergrond en de ruimte.

Veelgestelde vragen over soorten stucwerk

Wat is het meest gebruikte stucwerk?

Glad pleisterwerk is een veelvoorkomende keuze voor binnenmuren en plafonds, vooral wanneer het oppervlak later geschilderd wordt.

Wat is het verschil tussen raapwerk en pleisterwerk?

Raapwerk wordt vooral gebruikt om grotere oneffenheden te corrigeren en een ondergrond vlakker of rechter te maken. Pleisterwerk kan vervolgens worden gebruikt voor de uiteindelijke afwerking.

Is dunpleister hetzelfde als normaal stucwerk?

Dunpleister valt onder pleisterwerk, maar wordt in een veel dunnere laag toegepast. Het is daarom vooral geschikt voor ondergronden die al relatief vlak zijn.

Kun je ieder soort stucwerk in een badkamer gebruiken?

Nee. Materiaal en systeem moeten geschikt zijn voor de vochtbelasting en toepassing in de ruimte.

Kan bestaand stucwerk opnieuw worden gestuct?

Dat is in sommige situaties mogelijk. Eerst moet worden gecontroleerd of het bestaande stucwerk stabiel, voldoende hechtend en geschikt is voor een nieuwe afwerking.

Professioneel stucwerk laten aanbrengen

Welke soort stucwerk het beste resultaat geeft, hangt af van uw woning, de bestaande ondergrond en de gewenste afwerking.

Stukadoorsbedrijf Van Loon verzorgt verschillende soorten stucwerk voor muren en plafonds. Wij kunnen de bestaande situatie beoordelen en adviseren over een passende afwerking.

Wilt u uw muren of plafonds professioneel laten stucen? Bekijk onze pagina over stucwerk of neem contact met ons op voor een vrijblijvende offerte.

Bronnen en verder lezen

Voor aanvullende technische informatie:

  • Knauf – Gipspleisters: overzicht van verschillende gipspleisters en toepassingen.
  • Knauf – Voorstrijken: uitleg over voorbehandeling van zuigende en niet-zuigende ondergronden.
  • Gyproc – Welk stucproduct heb ik nodig?: uitleg over de keuze van stucproducten op basis van ondergrond en laagdikte.
  • Gyproc – Hoe stuc ik een wand?: informatie over voorbereiding, verwerking, afwerking en droging van stucwerk.

Inhoudsopgave